Hogere AOW-leeftijd leidt niet tot eerder stoppen
De AOW-leeftijd gaat omhoog om de vergrijzing betaalbaar te houden. Het idee is dat mensen langer doorwerken. Critici vreesden het tegendeel: wie niet langer kan of wil werken, zou juist eerder afhaken. De onderzoekers vergeleken daarom opeenvolgende groepen werkenden met een steeds hogere AOW-leeftijd. Het aandeel dat vóór de AOW-leeftijd stopt, bleef vrijwel gelijk. Steeds stopt ongeveer een op de vijf rond het bereiken van de AOW-leeftijd, en ruim een derde werkt daarna nog een tijd door.
Opvallend is dat ook de mensen die vroeg stoppen dat steeds later doen. Van de groep met een AOW-leeftijd van 65 jaar en 6 maanden stopte 39 procent vóór hun 65e. Bij de groep met een AOW-leeftijd van 66 jaar en 10 maanden was dat nog 27 procent. Het moment van uittreden schuift volgens de onderzoekers over de hele linie op. Daarmee lijkt de verhoging het beoogde effect te hebben. De vraag is wel niet alleen of mensen gemiddeld langer doorwerken, maar vooral of iedereen dat kan. Daarover zegt dit onderzoek nog weinig.
Dit is een samenvatting van het volledige artikel op de site van ESB.